Noordelijke provincies willen geld steken in proeven met zelfrijdende voertuigen

Noordelijke provincies willen geld steken in proeven met zelfrijdende voertuigen

Zelfrijdend vervoer kan helpen om op het platteland openbaar vervoer te houden, denken de noordelijke provincies. Ze beginnen met proeven, aldus het LC.

Friesland, Groningen en Drenthe stoppen er elk 100.000 euro in. Ze willen samenwerken met vervoerbedrijf Arriva in Heerenveen. Het Friese Provinsjehûs verwacht niet dat dit jaar in Friesland al zelfrijdende wagens de weg opgaan. Experimenten moeten namelijk uitwijzen in hoeverre autonoom rijdende voertuigen in te passen zijn in het openbaar vervoer en wat de kosten ervan zijn. Experts verschillen sterk van mening in hoeverre zelfrijdende voertuigen op korte termijn compleet autonoom inzetbaar zijn. Verwacht wordt dat het voorlopig bij level 3 en 4 (met supervisie door de chauffeur) zal blijven.

De Friese Gedeputeerde Johannes Kramer noemt concreet het traject tussen de eigen voordeur van de passagier en de dichtstbijzijnde bushalte als mogelijk geschikt voor geautomatiseerd verkeer. Als zelfrijdende wagens dat gat kunnen vullen, helpt dat de provincie om haltes vanuit de dorpen naar de doorgaande provinciale wegen te verplaatsen. Bussen hoeven dan minder afslagen te nemen naar de dorpen en lijnen kunnen worden ‘gestrekt’, een aanpak die bij de inwoners van de dorpen niet echt populair is.

Voor passagiers in streekbussen moet dat de ritten korter en daardoor aantrekkelijker maken, is de gedachte. Friesland werkt daar al mee tussen Leeuwarden en Dokkum en tussen Stiens en Holwert.

Proeven moeten uitwijzen hoe het zit met de veiligheid en of er aanpassingen nodig zijn aan wegen. De provincie vindt vooral de Waddeneilanden geschikt om te experimenteren. Het is er relatief rustig op de weg, maar er zijn wel veel passagiers die zo aan nieuwe vormen van vervoer kunnen wennen.

  • Gaan autonome voertuigen een rol spelen bij het (verder) ‘strekken’ van buslijnen?

Een reactie plaatsen

css.php