Rechtbank Amsterdam: Deliveroo-koeriers ‘schijnzelfstandigen’

Rechtbank Amsterdam: Deliveroo-koeriers ‘schijnzelfstandigen’

In een rechtszaak aangespannen door FNV, oordeelde de Amsterdamse rechtbank vandaag dat maaltijdbezorgdienst Deliveroo haar fietskoeriers ten onrechte heeft gedwongen om zzp’er te worden. Volgens de rechter is er sprake van ‘schijnzelfstandigheid’ en de koeriers hebben recht op een arbeidsovereenkomst. Ook valt Deliveroo wel degelijk onder de CAO voor het Beroepsgoederenvervoer. Deze uitspraak kan ook voor Uber (Uber taxi en UberEats) en andere platformen verstrekkende gevolgen hebben.

Nog geen maand geleden kwam een Britse rechter wat Uber betreft tot dezelfde conclusie als de Nederlandse rechter nu met betrekking tot Deliveroo: Uber-chauffeurs in Groot-Brittannië zijn geen zelfstandigen, maar werknemers en hebben recht op minimumloon en betaalde vakantiedagen.

Het verdienmodel van platformbedrijven als Uber, UberEats, Deliveroo, Helplinq en Thuisbezorgd is gebaseerd op de online app. Deze bedrijven claimen echter geen arbeidsrelatie te hebben met de chauffeurs en bezorgers. In veel gevallen werken deze mensen vrijwel full-time voor het platform en worden door de app gestuurd.

In een eerdere zaak tegen Deliveroo, vorig jaar juli, aangespannen door een bezorger, oordeelde Amsterdamse rechtbank nog dat hij juist géén schijnzelfstandige is en geen recht heeft op een arbeidsovereenkomst. De rechter maakte daarbij wel de opmerking dat de huidige wetgeving misschien achterloopt bij de nieuwe verhoudingen en bedrijfsmodellen. De wetgever zou daarin maatregelen moeten nemen, oordeelde de rechter. Bovendien ging het in deze zaak puur om de schriftelijke overeenkomst tussen Deliveroo en de bezorger.

Vorig jaar besloot Deliveroo de aflopende contracten van bezorgers niet meer te verlengen en ze als zelfstandig bezorger aan de slag te laten gaan. Ze zouden daarmee ook meer vrijheid krijgen. Maar die vrijheid is uitermate beperkt – stelt ook FNV – omdat de bezorgers compleet afhankelijk zijn van de app en in de praktijk weinig bewegingsvrijheid hebben (vrij vragen, vervanging e.d.).

Op 19 december jl. verloor Uber in Groot-Brittannië het beroep tegen het eerdere vonnis van de arbeidsrechtbank, waarin werd gesteld dat Uber-chauffeurs werknemers zijn en recht hebben op minimumloon en betaalde vakantiedagen. Tegen deze uitspraak tekent Uber beroep aan bij het hoogste rechtscollege in het Verenigd Koninkrijk. Uber stelde met name dat het vonnis van de drie rechters niet unaniem was, maar 2 tegen 1 en dat duizenden taxichauffeurs dagelijks aan het werk zijn als zelfstandige ondernemers.” De zaak was aangespannen door twee chauffeurs met de steun van twee Britse vakbonden.

Opmerkelijk in het vonnis van de drie rechters was wel dat ze “een hoge mate van fictie” in Uber’s contracten vonden. Zo zouden de Uber-chauffeurs zelfstandigen zijn met zeer beperkte werknemersrechten. Interessant was dat de rechters Uber verweten dat het aan de ene kant claimde een in Londen gevestigd en zelfstandig opererend ‘private hire’-bedrijf te zijn, terwijl het daarnaast volhield “slechts een filiaal te zijn van een in Nederland gevestigde onderneming die via licenties aan tienduizenden eigenaren van kleine ondernemingen het gebruik van de Uber-software mogelijk maakt.” Deze tegenstelling, aldus de rechters, “draagt bij aan het gevoel van listigheid en kunstmatigheid waarvan de Uber-zaak doordrongen is.”

  • Rechtbank Amsterdam: Deliveroo-koeriers ‘schijnzelfstandigen.’ Wat betekent dit voor platformen als UberEats, Uber en Thuisbezorgd?

Een reactie plaatsen

css.php