Van Veldhoven pakt in Kamerbrief diverse ‘hot items’ in de taximarkt op – resultaten verwacht “tegen de zomer”

Van Veldhoven pakt in Kamerbrief diverse ‘hot items’ in de taximarkt op – resultaten verwacht “tegen de zomer”

In haar brief aan de Kamer, donderdag 14 maart, zet staatssecretaris Van Veldhoven een aantal ontwikkelingen op de taximarkt uiteen plus de beleidsmaatregelen die ze naar aanleiding daarvan heeft genomen. Ook neemt ze in dezelfde brief de resultaten van de éénmeting van de Boordcomputer (BCT) mee.

De ‘Uber-ongevallen’ in Amsterdam net als de demonstratie op het Malieveld van 19 februari jl. geven aan “dat de branche sterk betrokken is” bij recente ontwikkelingen op de taximarkt. “Ik begrijp de roep om maatregelen. Om de problemen effectief aan te pakken is scherp inzicht in de onderliggende oorzaken cruciaal. Daarvoor moet ik in de eerste plaats de onderzoeken van het Openbaar Ministerie afwachten naar de toedracht van de ongevallen. Die zijn op dit moment nog gaande.” De minister geeft aan dat ze daarna komt “met eventuele aanpassingen in landelijk beleid.”

De stappen die ze inmiddels zette: de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) kreeg de opdracht om ongevallen met taxi’s nader te analyseren: “Het onderzoek spitst zich in de eerste plaats toe op het aantal door de politie geregistreerde (ernstige) ongevallen, de betrokkenheid van de taxi’s bij deze ongevallen, de leeftijd van de betrokken bestuurders en de locatie van het ongeval.” De bewindsvrouw verwacht de resultaten voor de zomer en belooft de Kamer verder te informeren.

Opmerkelijk in de brief is de hiermee samenhangende paragraaf over de steeds duurder en moeilijker verkrijgbaar wordende verzekeringen op de taximarkt. De taxisector heeft sterk de indruk dat de enorme verhoging van verzekeringspremies voor taxi’s, de striktere eisen en het slinkende aantal maatschappijen en makelaars dat zich met taxiverzekeringen bezig houdt, rechtstreeks het gevolg is van het stijgende aantal ongevallen met Uber-voertuigen.

In haar antwoord gaat Van Veldhoven volstrekt voorbij aan het onderscheid tussen Uber-voertuigen en ‘gewone’ taxi’s: “De hoogte van de door verzekeraars vastgestelde premies is gerelateerd aan de daadwerkelijk veroorzaakte schades. Het is dan redelijk dat de taxibranche in Nederland die kosten ook zelf draagt. De meest effectieve manier om de premiestijging tegen te gaan is een daling van de schadelast. Een marktinterventie door de Rijksoverheid is daarom niet aan de orde. Dit laat onverlet dat de minister van Financiën en ik de problematiek in gesprek met het Verbond van Verzekeraars en de taxibranche blijven volgen.” Wellicht kan het SWOV-onderzoek hier ook enige duidelijkheid scheppen.

  • Van Veldhoven gaat voorbij aan verschil in schadeverleden van Uber-voertuigen en taxi’s.

Een reactie plaatsen

css.php