Opnieuw maakt NS de treinkaartjes fors duurder: + 4,7 procent
De prijs van een treinkaartje en de meeste abonnementen stijgt begin volgend jaar met gemiddeld 4,7 procent. Dat heeft de NS vanochtend bekend gemaakt. Daarmee stijgt de prijs van reizen met de trein harder dan de inflatie.
Volgens NS-bestuurder Daan Schut in het NS-persbericht, is de prijsverhoging nodig om “nieuwe comfortabele treinen aan te schaffen, de gestegen kosten te betalen en te blijven investeren in goede voorzieningen”.
De stijging van 4,7 procent bestaat uit drie onderdelen: de verwachte inflatie voor 2027, een correctie op de inflatie over 2026 en een eerder afgesproken inhaalindexatie van de gemiste inflatie in de jaren tussen 2020 en 2023. De NS wijst er op dat de prijsstijging van een treinkaartje gebonden is aan strenge regels die zijn vastgelegd in afspraken met het Rijk. Het spoorbedrijf benadrukt dat sommige kaartjes in prijs gelijk blijven. Zo blijft een Railrunner €2,50 en blijft een Kids Vrij-abonnement gratis.
Ook zegt NS zich in te zetten voor “aantrekkelijke tarieven voor reizen op rustige momenten”. Zo komen er in 2027 PrijsTijdDeals met korting tot 80 procent in rustige treinen, en komt er volgend jaar mogelijk een vervolg op de Nederland Dal Vrij-regeling.
“Ik realiseer mij goed dat prijsverhogingen impact hebben op de portemonnee van reizigers”, zegt NS-bestuurder Schut in het NS-persbericht. “Daarom bieden we flinke kortingen buiten de spits, wanneer er nog genoeg plek is in de trein.”
Reizigersvereniging Rover zegt begrip te hebben voor het doorberekenen van de inflatie, maar niet voor de extra ‘inhaalindexatie’ die treinkaartjes nóg duurder maakt. Volgens Rover houdt NS verdere reizigersgroei tegen door ‘steeds maximaal gebruik te maken van de ruimte die NS krijgt om tarieven te verhogen’.
• Opnieuw maakt NS de treinkaartjes fors duurder: + 4,7 procent. Redactiefoto.

